Alternatieve geneeswijzen
De term 'alternatieve geneeswijzen' is ontstaan in de jaren 60. Het is eigenlijk niet bedoeld als vervanging van de reguliere geneeskunde, maar als aanvulling. De term 'alternatief' is dus niet zo gelukkig gekozen.
Voorbeelden van alternatieve geneeswijzen zijn: acupunctuur, cupping, homeopathie, osteopathie, hypnotherapie, massage en reiki. Hiervan zal ik acupunctuur, cupping, homeopathie en massage behandelen.
Mijn vader heeft ervaring met acupunctuur, omdat hij soms last van zijn rug heeft. Daarom gaat hij dus naar de acupuncturist. De acupuncturist oefent een chinese geneeswijze (acupunctuur) uit. Dit doet hij door middel van naalden (acus) op de juiste plaats steken (pungere). Acupunctuur kan de energie in het lichaam weer op het juiste niveau brengen. Hier is mijn vader erg enthousiast over en na een dag heeft hij al veel minder last.
Binnen acupunctuur bestaat er nog een methode. Die methode heet cupping. Een glazen bol met een vacuümpompje wordt dan op een acupunt geplaatst met hetzelfde doel als bij de acupunctuur. Het is een zeer stevige massage. Hierbij worden niet alleen de spieren meegenomen, maar ook het bindweefsel (wat alles bij elkaar houdt).
Homeopathie is een natuurlijke geneeswijze. Jopper, de hond van mijn vader en moeder, slikte homeopathische pillen tegen de pijn in zijn gewrichten. Bij de homeopathie is het zo dat de stof die bepaalde verschijnselen kan veroorzaken, ook in staat is dezelfde verschijnselen te genezen. De grondlegger van deze natuurwet is Samuel Hahnemann (1755-1843). Hij ontdekte dat je het middel sterker maakt door het te verdunnen en schudden.
Massage is het toepassen van druk, spanning, beweging of trilling. Het kan met of zonder massage-olie gedaan worden.
De meest voorkomende massage van tegenwoordig is de Klassieke of Zweedse massage. De ontdekker hiervan is de Zweedse schermer en gymnastiekleraar Per Hendrik Ling. Vandaar dus de naam.
Maar het was eigenlijk ten onrechte dat hij als grondlegger werd aangewezen. De grondlegger was namelijk de Nederlander Johan Georg Mezger (1838-1909). Hij gebruikte Franse termen voor de verschillende technieken. Voorbeelden hiervan zijn: 'effleurage' (wrijven), 'petrissage' (kneden), 'tapotement' (ritmisch slaan) en 'friction' (stevig wrijven). Deze termen worden tot op heden gebruikt. Later is daar nog 'compression' (stevige druk uitoefenen) aan toegevoegd.
zaterdag 12 oktober 2013
maandag 16 september 2013
KLAS 2, verwerkingsopdracht 1
Opstanden in Frankrijk
Afgelopen jaar hadden we een strenge winter. Veel mensen stierven van de honger. Zo stierf ook de echtgenote van Léon Bailly, die samen met een aantal andere pachtboeren uit de streek in opstand is gekomen.
Rond etenstijd arriveerden de pachtboeren bij het huis van de baron. Ze schreeuwden en eisten brood. De huisknecht van de baron liep naar binnen. Hij kwam even later naar buiten met de restjes uit de keuken. De pachtboeren waren teleurgesteld en liepen weer naar huis.
De volgende morgen klopte de dochter van de baron aan bij de boerderij van Léon Bailly. De pachtboer was zo nijdig dat hij het meisje wurgde. Volgens omstanders is het meisje gered door de zoon van de pachtboer. Ook had ze waarschijnlijk een mandje brood voor Léon Bailly en zijn zoon meegenomen.
Maar de onrust is nog niet verdwenen. De pachtboeren klaagden namelijk gisteravond weer en dit keer met succes. Ze sloegen namelijk de huisknecht neer en namen de familie van de baron mee. Dit had tot gevolg dat de baron, na veel tegenstribbelen, zich moest overgeven.
Ook in andere delen van Frankrijk heerst er grote onrust. Heel veel rijke Fransen worden daar ook afgezet. Er is nu ook een gerucht dat de Fransen een systeem hebben ontwikkeld dat 'de guillotine' heet. Dit systeem kan heel snel mensen onthoofden en is dus erg effectief.
De opstandelingen hebben nu dus de overhand en lijken het te winnen van de mensen van adel. Maar het kan nog alle kanten op. Het enige wat we nu zeker weten is dat er sprake is van een heuse revolutie.
maandag 9 september 2013
Leesautobiografie Casper Ooteman 2E
Leesautobiografie van Casper Ooteman
In de eerste klas heb ik 'de doge-ring van Venetië' gelezen. Dit boek is geschreven door Thea Beckman. Dit heeft veel indruk op me gemaakt, omdat de emoties erg goed werden uitgedrukt. Dit zorgde ervoor dat er veel spanning, verbazing, teleurstelling en verdriet in voorkwam.
Het verhaal is vanaf het begin al goed opgezet, omdat Vader Gerolfus, de prior van het Sint-Maria klooster, de monniken uitkiest die naar Venetië gaan. Uiteindelijk kiest de prior voor Broeder Matthias en Thomas, een jonge monnik. Er was op dat moment natuurlijk veel teleurstelling bij een andere monnik, genaamd Peter, omdat hij natuurlijk ook wel naar Venetië wilde.
Broeder Matthias en Thomas moesten in Venetië een opdracht voltooien. Ze moesten relieken gaan kopen met weinig geld. Het was erg spannend of ze Venetië wel gingen halen en de opdracht daar konden voltooien.
Ook is er veel verbazing als ze in Venetië aankomen. Zoveel pracht en praal hebben ze nog nooit gezien.
Vedriet is er vooral bij Thomas. Hij vindt de doge-ring en dat voorspelt ongeluk. Daarom geeft iedereen in Venetië hem de schuld en daar wordt hij verdrietig van. Toch is hij ook verdrietig als ze de plaats verlaten.
Ik heb ook een boek gelezen dat ik helemaal niet leuk vond. Dat was 'de Kloof' van Jan Terlouw. Dit ging namelijk over een jongen die door een man de kloof in werd getrokken. Die man werd zelf ook meegesleurd en toen hadden ze erge ruzie. De man sloeg de jongen met een steen op zijn hoofd en de jongen ging bloeden en viel de kloof in. Dit vond ik dus helemaal niet leuk, want ik houd niet van boeken die heel spannend en naar zijn.
Meestal lees ik 's avonds of 's ochtends in bed. Ik lees ook als ik op een stoel zit, soms met een tafel ervoor. Als ik eenmaal lees, lees ik meestal wel meer dan een half uur. Maar ik lees niet vaak.
Ik kies mijn boeken vaak door middel van de flaptekst. Hierdoor beoordeel ik het boek en kies ik het wel of niet uit.
Ik kan het best overweg met stripverhalen, historische verhalen en komische boeken. Stripverhalen en komische boeken zijn namelijk vaak grappig, en daar houd ik wel van. Om die boeken kan ik dan ook erg lachen. Historische verhalen zijn meestal met iets meer actie, en zolang dat niet te veel is, vind ik dat prima.
Ik houd minder van avonturen-, misdaad- en oorlogsverhalen. Ook houd ik minder van probleemboeken.
Probleemboeken hebben namelijk meestal een dramatische afloop: daar kan ik niet tegen.
Avonturen-, misdaad- en oorlogsverhalen vind ik ook niet leuk, omdat in die boeken er bijvoorbeeld moorden worden gepleegd en er soms iets akeligs met de hoofd- of bijpersonen gebeurt.
Ik vind het moeilijk om leuke, grappige en avontuurlijke boeken te vinden. De boeken van Thea Beckman, Tonke Dragt en Imme Dros vind ik het leukst.
In de eerste klas heb ik 'de doge-ring van Venetië' gelezen. Dit boek is geschreven door Thea Beckman. Dit heeft veel indruk op me gemaakt, omdat de emoties erg goed werden uitgedrukt. Dit zorgde ervoor dat er veel spanning, verbazing, teleurstelling en verdriet in voorkwam.
Het verhaal is vanaf het begin al goed opgezet, omdat Vader Gerolfus, de prior van het Sint-Maria klooster, de monniken uitkiest die naar Venetië gaan. Uiteindelijk kiest de prior voor Broeder Matthias en Thomas, een jonge monnik. Er was op dat moment natuurlijk veel teleurstelling bij een andere monnik, genaamd Peter, omdat hij natuurlijk ook wel naar Venetië wilde.
Broeder Matthias en Thomas moesten in Venetië een opdracht voltooien. Ze moesten relieken gaan kopen met weinig geld. Het was erg spannend of ze Venetië wel gingen halen en de opdracht daar konden voltooien.
Ook is er veel verbazing als ze in Venetië aankomen. Zoveel pracht en praal hebben ze nog nooit gezien.
Vedriet is er vooral bij Thomas. Hij vindt de doge-ring en dat voorspelt ongeluk. Daarom geeft iedereen in Venetië hem de schuld en daar wordt hij verdrietig van. Toch is hij ook verdrietig als ze de plaats verlaten.
Ik heb ook een boek gelezen dat ik helemaal niet leuk vond. Dat was 'de Kloof' van Jan Terlouw. Dit ging namelijk over een jongen die door een man de kloof in werd getrokken. Die man werd zelf ook meegesleurd en toen hadden ze erge ruzie. De man sloeg de jongen met een steen op zijn hoofd en de jongen ging bloeden en viel de kloof in. Dit vond ik dus helemaal niet leuk, want ik houd niet van boeken die heel spannend en naar zijn.
Meestal lees ik 's avonds of 's ochtends in bed. Ik lees ook als ik op een stoel zit, soms met een tafel ervoor. Als ik eenmaal lees, lees ik meestal wel meer dan een half uur. Maar ik lees niet vaak.
Ik kies mijn boeken vaak door middel van de flaptekst. Hierdoor beoordeel ik het boek en kies ik het wel of niet uit.
Ik kan het best overweg met stripverhalen, historische verhalen en komische boeken. Stripverhalen en komische boeken zijn namelijk vaak grappig, en daar houd ik wel van. Om die boeken kan ik dan ook erg lachen. Historische verhalen zijn meestal met iets meer actie, en zolang dat niet te veel is, vind ik dat prima.
Ik houd minder van avonturen-, misdaad- en oorlogsverhalen. Ook houd ik minder van probleemboeken.
Probleemboeken hebben namelijk meestal een dramatische afloop: daar kan ik niet tegen.
Avonturen-, misdaad- en oorlogsverhalen vind ik ook niet leuk, omdat in die boeken er bijvoorbeeld moorden worden gepleegd en er soms iets akeligs met de hoofd- of bijpersonen gebeurt.
Ik vind het moeilijk om leuke, grappige en avontuurlijke boeken te vinden. De boeken van Thea Beckman, Tonke Dragt en Imme Dros vind ik het leukst.
Abonneren op:
Posts (Atom)